27 | Onze vader in hemelrijk

27 | Onze vader in hemelrijk

Deze prachtige Dorische melodie treffen we voor het eerst aan in het liedboek Geistliche Lieder auffs new gebessert und gemehrt (Leipzig 1539), aangekondigd met: ‘Das Vater unser kurz ausgelegt und in Gesangweise gebracht durch Doctor Mart. Luth.’ Het lied van Luther omvat negen strofen met een uitgebreide versie van het Onze Vader uit het evangelie van Matteüs 6, 9-13.

Het is niet duidelijk of Luther de melodie zelf geschreven heeft. In een autograaf van zijn ‘Vater unser’ (circa 1530) staat een doorgekraste melodie, misschien door hemzelf geschreven, maar die hij verworpen heeft. Voor de vertaling van Luthers tekst hebben we gekozen voor een vroege berijming in het Nederlands, namelijk die van de Gentse dichter Jan Utenhove uit 1557, gedrukt in Embden bij Gillis van der Erven ten behoeve van de gevluchte Nederlandse protestanten aldaar.

heet noemt
wordt woord
vervoeret misleide
ercheyt boosaardigheid
verhalt behoed
dieren tydt tijd van schaarste
In ’t recht betrouwen met standvastig geloof
Doet Bied
onderstandt steun
het werde waer moge het waar worden
Doer welcken via wie

Tekst en Melodie uit: [Jan Utenhove], 25. PSALMEN end andere ghesanghen diemen in de Duydtsche Ghemeynte te Londen, was ghebruyckende (Embden: Gellius Ctematius [= Gilles vander Erven], 1557), fol. 64-65. https://lib.ugent.be/en/catalog/rug01:000402414 (pdf p. 36-37)

Bladmuziek

Tekst

3. Dyn Rycke toekomme, o Vader goedt,
Hier ende hier nae: dynen trooster soet,
Gheeft ons so Christus ons toesey,
Mit synen gaven menigherley:
Breeckt Sathans tooren end groot ghewalt,
Voer syn ercheyt dyn kerck’ verhalt.

4. Dynen wille gheschie, O Heer, ghelyck
Op eerden als in Hemelryck:
Gheeft ons gheduldt in lydens pyn,
Ghehoorsaem alle sins te syn,
Neemt van ons wech vleesch ende bloedt,
Dat teghen dynen wille doet.

5. Gheeft ons huyden ons daechlicks broodt,
End wat wy behoeven in ’s lyfs noodt,
Behoedt ons Heer voer twist ende strydt,
Voer Peste ende oock voer dieren tydt,
Dat wy in goeden vrede staen,
Doet sorgh ende ghiericheyt van ons gaen.

6. All onse schulden vergheef ons Heer,
Dat sy ons niet bedroeven meer,
So wy oock die ons schuldich syn,
Haer schuldt vergheven op dit termyn.
Tot haren dienst maeckt ons bereydt,
In rechter liefde end eenicheyt.

7. Leydt ons Heer in bekoring niet:
Als ons de boose gheest strydt biedt,
Te rechter of ter slincker handt,
Helpt ons dat wy doen wederstandt,
In ’t recht betrouwen onbevreest,
Doer dynen trooster den Heylghen Gheest.

8. Van alle quaedt verlost ons meer,
In deze bedroefde tyden O Heer.
Bevrydt ons van der eewigher doodt,
En troost ons in den lesten noodt.
Doet ons alltydt goedt onderstandt,
Neemt onse sielen in dyne handt.

9. Amen, dit is: het werde waer,
Sterckt ons gheloove wanckelbaer,
Op dat wy daer niet twyffelen aen,
Of wy sullen dit all ontfaen,
Nae dynen wille, om Christus naem,
Doer welcken ons bede is ghedaen.

AMEN.

Als je deze site gebruikt, ga je akkoord met het gebruik van cookies. meer informatie

Deze site is standaard ingesteld op 'cookies toestaan", om je de beste mogelijke bladerervaring te geven. Als je deze site blijft gebruiken zonder je cookie instellingen te wijzigen, of als je onderaan de pagina klikt op "Accepteren", geef je toestemming voor het gebruik van cookies. Bekijk hier ons cookie- en privacybeleid.

Sluiten