38 | Psalm 116

38 | Psalm 116

De opgewekte melodie van psalm 116 uit het Geneefse Psalter inspireerde de uit Gent afkomstige arts en dichter Jacob van de Vivere (ofwel Vijver of Viverius) om ‘Den Choor der Enghelen’ te schrijven. Het lied vormt het einde van de ‘Christelicke Uyt-spraecke van de Ghenadighe Verlossinghe der Stede Leyden’, dat gewijd is aan het Beleg en Ontzet van Leiden in 1574. Van de Vivere richt zich hierin tot de Leidse jeugd, aan wie hij in eenvoudige woorden het hele verhaal van het Beleg en Ontzet van Leiden vertelt: ‘Siet, de Pest quam daer bij. Den hongher en de Pest die maeckten ’t al onblij’. Bij het schrijven blijkt de dichter geïnspireerd te zijn door Gods Wijsheid, Theousophia, die hem dag en nacht als het ware ‘gekust’ heeft.

De tekst spoort de Leidenaren aan tot dankbaarheid jegens God, de ‘Helper’. Al lijkt het erop dat ze door Hem zijn verlaten, ze kunnen er zeker van zijn dat ‘Gods Wijsheydt’ als een vroedvrouw allen die in nood zijn zal verlossen. De laatste strofe bevat een woordspel van de dichter met zijn eigen naam.

3. Het Schijnet wel dat God u gantsch verlaet,
Ghij zijt als slijck vertreden seer beneden.
Men cruycight CHRIST in sijne aerme leden:
Die onrecht lijdt, ontfanght van Gode baet.

4. Grijpt eenen moedt als een’ in baerens noodt:
U weeden zijn van Gode al ghetellet,
Gods Wijsheydt sal tot Vroedtwijf zijn bestellet:
De Christen Ziel die levet door de doodt.

5. Maer ghij, swack kindt, die als een schouspel zijt:
Drenckt torens Kelck die u wordt vol gheschoncken;
Zij uwe Ziel voor eene wijl als droncken:
De Croone volght naer schande ende strijt.

6. Zij die u heeft gheraepet uyt het slijck
Verwachtet u, om hertigh te beschreyden
D’ondanckbaerheydt die men siet weeldigh weyden:
Com naer ons stem bij u Goddinne rijck.

7. Hij weende seer doen hij den lof verliet,
Om van den druck te wesen den beschriver.
Dat Leyden drinck’ in Lijden CHRISTI Viver!
Troost wenschen wij elck hert dat lijdt verdriet!
 
Jacob Viverius

des Helpers lof lof aan de Helper
Naer na
vertreden vertrapt
een’ een vrouw
weeden weeën
van Gode door God
Drenckt torens Kelck Drink de kelk vol smart
Zij Als … is, dan
Croone beloning
naer na
Zij nl. Gods eeuwige wijsheid
beschreyden beklagen
Hij nl. de dichter
doen toen
den lof verliet stopte met loven
den druck de onderdrukking
drinck in Lijden CHRISTI Viver drinkt uit de Vijver van Christus’ lijden

Melodie uit: Petrus Dathenus, Alle de Psalmen Dauids, Ende Ander Lofsanghen, Wt Den Francoyschen dichte in Nederlandschen ouerghesett, De welcke men voortaen in de Nederlandsche Ghemeynten ghebruycken zal. [z.p., z.n.], 1566, Psalm CXVI, fol. S9r-v.
Scan via Google Books
Tekst uit: Iacobus Viverius, Den Lust-Hof van de Christelicke Zielen, Waer in Begrepen zijn De Christelicke Ghedichten [...] Met eenen soo Oversien, Verbetert, Vermeerdert, Verclaeret; dat de Schrijver maer desen Druck en kennet. Leiden: Christoffel Guyot, voor Laurens Jacobsz., Amsterdam, 1600, pp. 69-70.
Scan via de DBNL (pdf p. 39)

0
    0
    Uw winkelmandje
    Uw winkelmandje is leegNaar de winkel